De ecologische crisis wordt vaak beschouwd als een extern probleem dat zich afspeelt in verre ecosystemen, zoals smeltende gletsjers of stervende koraalriffen. De Nederlandse filosoof en schrijfster Lisa Doeland stelt echter dat deze catastrofe veel dichterbij komt. In haar proefschrift betoogt zij dat de milieuproblematiek zich ook direct in het menselijk lichaam afspeelt, waardoor de grens tussen de externe natuur en onze eigen fysieke gesteldheid vervaagt.
In een analyse van apache.be legt Doeland de kern van haar werk, getiteld Digesting Waste, uit. Zij stelt dat de manier waarop de moderne maatschappij met afval omgaat, een directe weerspiegeling is van een destructief economisch model. Volgens de filosoof is de vervuiling die we in de wereld verspreiden niet simpelweg 'weg' zodra het buiten ons gezichtsveld verdwijnt, maar keert het onvermijdelijk terug naar ons eigen weefsel.
De illusie van de circulaire economie
Een belangrijk onderdeel van de kritiek van Doeland richt zich op het concept van de circulaire economie en recyclage. Hoewel overheden en bedrijven deze systemen vaak presenteren als de ultieme oplossing voor de groeiende afvalberg, ziet Doeland dit als een schijnoplossing. Volgens maskeert de nadruk op recyclage de voortdurende uitputting van natuurlijke bronnen en houdt het het systeem van extractie in stand.
De filosoof stelt dat het idee van een perfect gesloten lus, waarbij materialen eindeloos worden hergebruikt zonder verlies, niet strookt met de fysieke realiteit. In plaats van een duurzame cirkel, ziet zij een proces waarbij afvalstoffen uiteindelijk toch terugvloeien naar de mens, maar dan in een schadelijke vorm. De focus op het recycleren van producten zou ertoe kunnen leiden dat consumenten minder kritisch worden naar de oorspronkelijke productie en de enorme hoeveelheden grondstoffen die uit de aarde worden onttrokken.
De fysieke impact van vervuiling
De meest centrale stelling van Doeland is dat de ecologische crisis een intieme, lichamelijke ervaring is. Zij wijst op de onvermijdelijke interactie tussen de mens en de stoffen die we als afval beschouwen. Microplastics en chemische residuen vinden via de voedselketen hun weg terug in het menselijk lichaam. Hierdoor wordt de fysieke dimensie van vervuiling onontkoombaar.
In haar werk gebruikt Doeland de term 'verteren' (digesting) niet enkel als een biologisch proces, maar ook als een metafoor. Volgens probeert de samenleving op deze manier de enorme hoeveelheden restproducten van het kapitalisme te verwerken. De scheiding tussen het 'buiten' (zoals vuilnisbelten) en het 'binnen' (het menselijk lichaam) is volgens haar een kunstmatige grens die in de praktijk allang is doorbroken.
Noodzaak tot fundamentele bewustwording
Doeland waarschuwt dat het negeren van de materiële realiteit van afval leidt tot een gevaarlijke blinde vlek in ons ecologisch bewustzijn. Wanneer we afval behandelen als iets dat simpelweg verdwijnt zodra het de voordeur verlaat, verliezen we de connectie met de destructieve keten van vervuiling en extractie.
De filosoof pleit daarom voor een fundamentele heroverweging van onze relatie met materie. Zij stelt dat we niet moeten vertrouwen op technologische oplossingen, zoals geavanceerde sorteermachines, maar dat er een werkelijke verandering nodig is in ons besef. Volgens is de enige weg vooruit het erkennen van de impact van onze consumptie op zowel de planeet als ons eigen lichaam.