Een internationaal team van wetenschappers heeft een nieuwe methode ontwikkeld om de aard van een raadselachtige stof in de atmosfeer van Venus te analyseren. Deze stof, die in de wetenschappelijke gemeenschap bekendstaat als de 'UV-absorber', veroorzaakt contrastrijke patronen in het ultraviolette spectrum van de planeet. Door middel van geavanceerde modellering probeerden de onderzoekers vast te stellen hoe donker deze wolken in werkelijkheid zijn wanneer men de storende effecten van lichtverstrooiing weglaat.
Voor een waarnemer vanaf de aarde oogt Venus doorgaans geel, maar in het ultraviolette spectrum vertoont de planeet opvallende strepen. Deze patronen bewegen mee met de rotatie van de atmosfeer, die ongeveer vier dagen duurt. Al meer dan een eeuw proberen astronomen te achterhalen welk specifiek materiaal verantwoordelijk is voor deze visuele kenmerken. Volgens een artikel van universetoday.com richt het onderzoek, onder leiding van Jan Spacek en gepubliceerd in Astrobiology, zich op de vraag hoe de wolken eruit zouden zien als het materiaal in bulkvorm zou worden verzameld.
Een centraal punt in het onderzoek is het onderscheid tussen absorptie en verstrooiing. De wolken van Venus bevatten aerosoldeeltjes van zwavelzuur die zorgen voor zogenaamde Mie-verstrooiing. Dit proces zorgt ervoor dat de wolken lichter lijken dan de stof in werkelijkheid is, vergelijkbaar met hoe de nevel van een waterval wit oogt terwijl het water in de rivier zelf donker kan zijn. Zoals beschreven door , maskeert dit effect de werkelijke kleur en intensiteit van de absorber.
Om tot een nauwkeuriger beeld te komen, maakte het team gebruik van hoogwaardige reflectiegegevens. Deze data zijn afkomstig van de Akatsuki-ruimtesonde, een project van de Japanse ruimtevaartorganisatie JAXA. Door factoren zoals deeltjesgrootte, gasabsorptie en verstrooiing systematisch uit de berekeningen te filteren, konden de wetenschappers de werkelijke absorptiewaarden bepalen. Hierbij werd gekeken naar de lineaire decadische absorptiecoëfficiënt, een maatstaf die aangeeft hoeveel licht een materiaal absorbeert bij een specifieke golflengte.
De analyse wees uit dat er een zeer sterke absorptiepiek aanwezig is bij 375 nanometer, wat zich bevindt aan de rand van het ultraviolette spectrum. Boven deze specifieke golflengte neemt de absorptie zeer snel af. Deze resultaten suggereren dat de stof in de atmosfeer een extreem efficiënt licht-absorberend molecuul is. Volgens de berichtgeving van biedt dit model een veel preciezer kader om mogelijke chemische kandidaten voor deze chromofoor te testen.
Hoewel de exacte chemische identiteit van de stof nog niet definitief is vastgesteld, stelt dit nieuwe inzicht onderzoekers in staat om gerichter te zoeken naar moleculen die exact dezelfde absorptiekenmerken vertonen bij 375 nanometer. De combinatie van de data van de Akatsuki-missie en de nieuwe modellering wordt door gezien als een cruciale stap in het oplossen van een astronomisch mysterie dat al meer dan honderd jaar voortduurt.