Verschillende onafhankelijke onderzoeken suggereren dat donkere energie, een mysterieuze kracht die volgens de gangbare kosmologie de versnelde uitdijing van het heelal drijft, mogelijk niet bestaat. Alternatieve theorieën stellen dat waarnemingen van supernovae en sterrenstelsels verklaard kunnen worden door variaties in fundamentele natuurkrachten of de ongelijkmatige verdeling van materie.
Sinds de waarnemingen van Edwin Hubble in 1929 is bekend dat het universum uitdijt. In de jaren 90 concludeerden astronomen op basis van Type Ia-supernovae dat deze uitdijing niet constant is, maar versnelt. Om dit fenomeen te verklaren, introduceerden natuurkundigen het concept 'donkere energie'. Dit vormt een centrale pijler van het Lambda-Cold Dark Matter (Lambda-CDM) model, waarin donkere energie de drijvende kracht is achter de kosmische expansie.
Statistische twijfels over versnelling
Een controversiële analyse van Subir Sarkar van de Universiteit van Oxford stelt echter dat deze conclusies onjuist zijn. Sarkar begon in 2014 met het onderzoeken van de oorspronkelijke data van de groepen die de versnelling van het heelal claimden. Volgens berichtgeving van newscientist.com concludeerde hij en zijn team dat het bewijs niet voldeed aan de statistische drempel die in de natuurkunde vereist is om van een officiële ontdekking te kunnen spreken.
Deze bevindingen stuiten op aanzienlijke weerstand binnen de wetenschappelijke gemeenschap. Veel kosmologen bekritiseren de gebruikte statistische methoden en wijzen op het negeren van de 'kosmische somregel', die stelt dat de percentages donkere energie, donkere materie en gewone materie samen precies één geheel moeten vormen.
Het 'Timescape'-model en de 'klonterige' kosmos
Een andere benadering komt van onderzoekers aan de Universiteit van Canterbury in Nieuw-Zeeland. Zij presenteren het zogenaamde 'timescape'-model. In plaats van een onzichtbare afstotende kracht, stelt dit model dat de waargenomen versnelling voortkomt uit de onregelmatige verdeling van materie in het universum.
Volgens een artikel van thedebrief.org zou de versnelling een illusie zijn die ontstaat door hoe we tijd en afstand kalibreren, waarbij rekening wordt gehouden met het feit dat zwaartekracht de tijd vertraagt. Deze theorie wordt ondersteund door een analyse van supernova-lichtcurves, die suggereert dat het universum op een meer gevarieerde, 'klonterige' manier uitdijt in plaats van gelijkmatig in alle richtingen. Dit wordt verder uitgediept in een publicatie via sciencedaily.com, waarin wordt gesteld dat donkere energie slechts een tijdelijke aanduiding was voor onbekende fysica.
Verzwakkende natuurkrachten als alternatief
Naast de discussie over donkere energie, is er onderzoek dat ook het bestaan van donkere materie in twijfel trekt. Professor Rajendra Gupta van de Universiteit van Ottawa stelt dat beide fenomenen artefacten kunnen zijn van fundamentele koppelingen die langzaam variëren.
Gupta beargumenteert dat de fundamentele krachten van de natuur, zoals de zwaartekracht, gemiddeld zwakker worden naarmate het universum ouder wordt en uitdijt. Volgens scitechdaily.com zou deze verzwakking eruit kunnen zien als een mysterieuze duw die de expansie versnelt (donkere energie), terwijl variaties op galactische schaal extra zwaartekracht simuleren (donkere materie).
Deze theorie, die ook is besproken via theconversation.com, suggereert dat wat we nu interpreteren als onzichtbare materie en energie, in werkelijkheid het resultaat is van evoluerende constanten die de sterkte van natuurkrachten definiëren.
Hoewel deze theorieën potentieel baanbrekend zijn en inconsistenties zoals de 'Hubble-spanning' zouden kunnen oplossen, blijven ze vooralsnog controversieel en worden ze door een groot deel van de gevestigde kosmologische gemeenschap nog niet geaccepteerd.