Op maandag 23 november trekken de drie grootste vakcentrales van België samen de straat op in Brussel. De socialistische ABVV, het christelijke ACV en de vrije vakbond Synova presenteren zich daarmee als een gemeenschappelijk vakbondsfront. Ook organisaties uit het middenveld sluiten zich aan, meldt vrtnws.be.
De aanleiding is de begrotingsopmaak van de federale regering. De vakbonden vrezen dat de geplande besparingen vooral openbare diensten, uitkeringsgerechtigden en werknemers zullen raken. Daarnaast willen ze de aandacht vestigen op de stijgende kosten van het levensonderhoud.
Ook de jobmarkt houdt de bonden bezig. Door economische onzekerheid en herstructureringen in verschillende sectoren staat de werkgelegenheid onder druk. Ze wijzen specifiek op de aangekondigde banenverliezen in de industrie. Als oplossing pleiten ze voor meer investeringen in innovatie, opleiding en kwaliteitsvolle jobs.
De nieuwe betoging volgt op een eerdere actie in Brussel op vrijdag 9 oktober. Toen werkten ABVV en ACV samen; Synova was er nog niet bij. Over de opkomst lopen de cijfers uiteen: de politie telde 30.000 deelnemers, de vakbonden gingen zelf uit van 50.000 mensen. De betoging verliep rustig, maar relschoppers richtten wel aanzienlijke schade aan. Ze vernielden bussen, auto's en bushokjes en staken e-steps en deelfietsen in brand.
De aankondiging wordt ook gemeld door hln.be.