De scheepvaart op het kanaal Gent-Terneuzen kan opnieuw vlotter verlopen. Na een periode van bijna twee maanden zijn de stremmingen aan de Noordzeesluizen in Terneuzen opgeheven, waardoor de zogenaamde 'droogtefiles' die de regio teisterden, zijn verdwenen. Volgens berichtgeving van vrtnws.be kunnen schepen nu weer ongehinderd van en naar Gent varen.
Maatregelen tegen waterverlies
De beperkingen werden begin juli ingevoerd als reactie op aanhoudende hitte en droogte. Het doel was om te voorkomen dat er te veel zoet water uit het kanaal naar de zoute Westerschelde zou wegvloeien. Gedurende de zomer werden deze maatregelen steeds strenger. Op het hoogtepunt van de crisis was de Westsluis volledig gesloten en openden de overige twee sluizen slechts om de drie of vier uur. Schepen werden gedwongen om in groepen door de sluizen te varen, wat leidde tot aanzienlijke vertragingen bij leveringen en lange wachtrijen.
Dankzij de neerslag van de afgelopen weken is de situatie verbeterd, waardoor de stremmingen niet langer noodzakelijk zijn. Hoewel het kanaalpeil is gestabiliseerd, blijft dit peil wel laag. Dit heeft directe gevolgen voor de bevaarbaarheid: de diepgangbeperking blijft van kracht. Schepen met een diepgang van meer dan 12,25 meter mogen het kanaal nog steeds niet betreden.
Discussie over noodpompen
De kritieke watersituatie zorgde voor diplomatieke spanningen tussen Nederland en Vlaanderen. De Nederlandse overheid had enkele weken geleden noodpompen klaargezet aan de Westerschelde. Deze pompen waren bedoeld om zout water over te pompen om het kanaalpeil kunstmatig te verhogen en zo het afbrokkelen van de oevers te voorkomen.
Vlaanderen twijfelde echter over het verlenen van toestemming voor dit plan. Het dossier lag meerdere dagen op de regeringstafel omdat de maatregel risico's met zich meebracht. Hoewel een vlotte doorvaart essentieel is voor de handel, zou het oppompen van zout water de verzilting van het kanaal versnellen. Dit zou een negatieve impact hebben op de landbouw en op havenbedrijven die water uit het kanaal gebruiken. Uiteindelijk is er geen besluit genomen door de Vlaamse regering, aangezien de regenval het risico op natuurlijke wijze deed afnemen.
Gevolgen van verzilting
Ondanks het einde van de sluistremmingen kampt het kanaal nog steeds met een hoog zoutgehalte, dat momenteel drie keer hoger ligt dan de norm. Dit is het gevolg van de instroom van zout water uit de Westerschelde bij het openen van de sluizen, gecombineerd met een gebrek aan zoet rivierwater, zoals uit de Moervaart, door de droge maanden.
Deze verzilting heeft merkbare economische gevolgen. Bedrijven langs het kanaal moeten investeren in nieuwe installaties omdat corrosie sneller optreedt. Daarnaast merken landbouwers in de omgeving dat de bodem verzilt, wat een negatief effect heeft op de landbouwopbrengsten.