De analyse van materiaal afkomstig van de asteroïde (101955) Bennu heeft geleid tot onverwachte wetenschappelijke resultaten. Hoewel de OSIRIS-REx missie succesvol monsters heeft teruggebracht naar de aarde die niet zijn aangetast door de hitte van de atmosfeer, wijst de chemische samenstelling van dit materiaal op een complexe geschiedenis. Er is namelijk sprake van een tegenstrijdigheid in de isotopen, waardoor de exacte geboorteplaats van de asteroïde onduidelijk blijft.
Om de herkomst van het object te bepalen, hebben experts van het Lawrence Livermore National Laboratory en ETH Zürich een zeer kleine hoeveelheid van het materiaal onderzocht. Volgens universetoday.com heeft professor Maria Schönbächler zich hierbij gefocust op nucleosynthetische isotopen. Deze specifieke markers maken het mogelijk om te achterhalen waar in de protoplanetaire schijf een object is gevormd, aangezien de verdeling van elementen zoals chroom, titanium en ijzer in het vroege zonnestelsel niet uniform was.
In de astronomie wordt doorgaans een strikt onderscheid gemaakt tussen twee groepen asteroïden. De zogenaamde 'Non-Carbonaceous' (NC) objecten zijn ontstaan in de warmere binnenregio van het zonnestelsel, nabij de plek waar de aardse planeten zich vormden. Daartegenover staan de 'Carbonaceous' (CC) asteroïden, die hun oorsprong vinden in de koudere, buitenste regionen. Voorafgaand aan de monsteranalyse werd Bennu ingedeeld als een CI-chondriet, een uiterst zeldzaam subtype binnen de CC-groep. Dergelijke objecten zijn schaars in meteorietcollecties omdat ze vaak volledig verbranden voordat ze het aardoppervlak bereiken.
De resultaten van het laboratoriumonderzoek bleken echter niet eenduidig. Voor de isotopen van chroom en titanium stemden de waarnemingen overeen met de eigenschappen van CC-asteroïden, wat wijst op een oorsprong in het buitenste zonnestelsel. Echter, de analyse van het ijzer in de monsters vertoonde kenmerken die juist typerend zijn voor de NC-groep, die dichter bij de zon is ontstaan. Zoals beschreven door , zorgt deze discrepantie voor een soort 'identiteitscrisis' van de asteroïde.
Deze onverwachte bevindingen suggereren dat de vroege geschiedenis van Bennu ingewikkelder is dan voorheen werd gedacht. Er wordt gespeculeerd dat de zwaartekracht van Jupiter een cruciale rol kan hebben gespeeld bij het verplaatsen van materiaal of het beïnvloeden van het vormingsproces. De volledige details van dit onderzoek zijn verschenen in het vakblad Science Advances. De ontdekking dwingt astronomen om hun huidige modellen over de verdeling van materie in het jonge zonnestelsel kritisch tegen het licht te houden, aangezien de traditionele indeling van asteroïden mogelijk onvolledig is. De data uit de rapportage benadrukken dat dergelijke anomalieën essentieel zijn voor een dieper begrip van de kosmische evolutie. De onthullingen over de samenstelling van Bennu tonen aan dat zelfs goed bewaard gebleven monsters uit de ruimte nieuwe raadsels kunnen opwerpen over de oorsprong van ons eigen zonnestelsel, zoals verder uitgewerkt in de berichtgeving van .