De wereldwijde strijd tegen de aanwezigheid van PFAS-stoffen, ook wel bekend als 'eeuwige chemicaliën', brengt een ongekende financiële druk met zich mee. De kosten voor het saneren van bodem- en waterverontreiniging, gecombineerd met de stijgende uitgaven in de gezondheidssector, vormen een groeiende dreiging voor de stabiliteit van nationale budgetten in zowel Europa als daarbuiten.
In België zijn de prognoses voor de economische impact bijzonder zorgwekkend. Volgens berichtgeving van vrt.be kunnen de jaarlijkse uitgaven voor het aanpakken van deze vervuiling en het compenseren van de gezondheidsschade variëren tussen de 2 en 6,2 miljard euro. In het meest extreme scenario, dat is gebaseerd op de bevindingen van het externe bureau RDC Environment, beslaan de kosten ongeveer 1,1 procent van het bruto binnenlands product. Hoewel een exact bedrag moeilijk vast te stellen is vanwege de voortdurende verontreiniging, biedt een gematigd scenario een schatting van circa 3,8 miljard euro per jaar. De complexiteit van de discussie over de noodzakelijke beperking van de risico's maakt het bovendien lastig om een definitief financieel eindpunt te bepalen.
De schaal van het probleem overstijgt de Belgische grenzen en heeft een Europese dimensie die de fundamenten van de economie kan raken. Uit onderzoek van het zogenaamde "Forever Lobbying Project", zoals beschreven door De Specialist, kan de Europese opruimfactuur over de komende twee decennia de grens van 2.000 miljard euro overschrijden als er geen structurele actie wordt ondernomen. Er is echter een duidelijk verschil tussen niets doen en ingrijpen: indien de huidige vervuiling wordt gestopt zonder dat er nieuwe stoffen in het milieu terechtkomen, zou de factuur over een periode van 20 jaar beperkt kunnen blijven tot 95 miljard euro. Daarnaast staat de zorgsector onder enorme druk, met geschatte jaarlijkse kosten voor de gezondheidszorg die tussen de 52 en 84 miljard euro kunnen liggen.
Ook in het Verenigd Koninkrijk zijn de economische vooruitzichten voor de overheid somber. Volgens riskenbusiness.nl kan de jaarlijkse rekening voor het saneren van de vervuiling in dat land oplopen tot 9,9 miljard pond, mits de uitstoot van deze stoffen niet onder controle wordt gebracht.
In Nederland wordt de problematiek gekenmerkt door een verschuiving van de financiële verantwoordelijkheid naar de staat. Volgens vastgoedbs.nl kampt de Nederlandse overheid met duizenden locaties die besmet zijn met PFAS. Een groot struikelblok hierbij is dat de oorspronkelijke veroorzakers van de vervuiling vaak niet meer aansprakelijk gesteld kunnen worden, bijvoorbeeld door faillissementen. Hierdoor eindigt de rekening bij de belastingbetaler. Experts wijzen erop dat de kosten voor sanering vaak niet in verhouding staan tot de behaalde milieuwinst, wat pleit voor een herziening van de huidige normen om de financiële lasten beheersbaar te houden.
PFAS, een verzamelnaam voor per- en polyfluoralkylstoffen, zijn chemische verbindingen die door hun structuur vrijwel niet afbreken in het ecosysteem. Deze eigenschappen maken ze zeer nuttig voor industriële toepassingen, zoals in waterafstotende kleding, cosmetica, anti-aanbaklagen en blusschuim. De wetenschappelijke gemeenschap waarschuwt echter dat deze stoffen zich ophopen in levende organismen. De potentiële gezondheidsrisico's zijn groot, variërend van aantasting van het immuunsysteem tot reproductieve problemen en een verhoogd risico op de ontwikkeling van kanker.