Wie vandaag belegt in een traditionele wereldwijde aandelenindex, krijgt onbedoeld een flinke dosis Amerikaanse technologiebedrijven in de schoot geschoven. De drie grootste namen in de op marktkapitalisatie gebaseerde MSCI World — Apple, Microsoft en Nvidia — vertegenwoordigen samen ongeveer 15 procent van de volledige index. De invesco.com, die onder de tickersymbool MWEQ wordt verhandeld, kiest voor een radicaal andere benadering van wereldwijde aandelenbelegging.
Het principe van gelijke gewichten
MWEQ volgt de MSCI World-index, maar met één cruciaal verschil: elk van de ongeveer 1.300 grote en middelgrote aandelen uit ontwikkelde markten krijgt een gelijk gewicht van ruwweg 0,075 procent, ongeacht de marktkapitalisatie van het betreffende bedrijf. De ETF maakt gebruik van fysieke replicatie, wat betekent dat de fondsenbeheerder de onderliggende aandelen daadwerkelijk aankoopt in plaats van via afgeleide producten te beleggen. Het totale expense ratio (TER) bedraagt 0,20 procent per jaar.
Deze gelijkgewogen methodologie staat in scherp contrast met de standaard MSCI World, waar de grootste bedrijven vanwege hun hogere marktkapitalisatie automatisch een groter aandeel in de index innemen. In een marktkapitalisatiegewogen index groeit het gewicht van een aandeel naarmate de koers stijgt, wat betekent dat succesvolle bedrijven een steeds dominantere positie innemen.
De-concentratie: minder afhankelijk van de Magnificent Seven
Een van de belangrijkste gevolgen van de gelijkgewogen benadering is de aanzienlijke de-concentratie van de portefeuille. Waar de Verenigde Staten in de standaard MSCI World-index ongeveer 72 procent van de totale weging vertegenwoordigt, daalt dat aandeel in MWEQ naar schatting 60 procent. De dominantie van megacap-technologiebedrijven — de zogenoemde Magnificent Seven — verdientmentlijk verdwijnt grotendeels.
Die verminderde concentratie betekent dat beleggers aanzienlijk minder blootgesteld zijn aan een mogelijke correctie van de grootste technologiebedrijven. Aan de andere kant loop je ook het merendeel van de koerswinst mis wanneer juist die bedrijden stijgen. Dit verklaart waarom de gelijkgewogen strategie in 2023 en 2024 aanzienlijk slechter presteerde dan de marktkapitalisatiegewogen variant, een periode waarin de Magnificent Seven de marktrendementen domineerden.
Size- en value-tilt: een systematische inzet op kleinere en goedkopere bedrijven
Equal weighting fungeert in feite als een systematische inzet op kleinere bedrijven en goedkopere aandelen. Omdat middelgrote bedrijven in de gelijkgewogen index hetzelfde gewicht krijgen als de grootste giganten, ontstaat er van nature een zogenoemde size-tilt richting kleinere bedrijven. Daarnaast vertaalt de gelijke weging zich in een value-tilt: de prijs-winstverhouding (P/E) van de gelijkgewogen index bedraagt ongeveer 16, tegenover ongeveer 21 voor de standaard MSCI World. Dat wijst erop dat de gelijkgewogen benadering systematisch goedkopere aandelen een groter gewicht geeft.
Deze kenmerken kunnen aantrekkelijk zijn voor beleggers die geloven dat kleinere en goedkopere bedrijven op de langere termijn een hoger rendement kunnen genereren dan de grote en dure technologiebedrijven die de marktkapitalisatiegewogen index domineren.
Contrarian-rebalancing: winnaars verkopen, verliezers kopen
Een ander belangrijk mechanisme van de gelijkgewogen strategie is de periodieke herweging. Om de gelijke gewichten te behouden, moet de fondsenbeheerder regelmatig aandelen verkopen die relatief zijn gestegen en aandelen bijkopen die relatief zijn gedaald. Deze systematische contrarian-aanpak dwingt de belegger om recente winnaars te verkopen en recente verliezers te kopen.
In markten die zijwaarts bewegen of waarin de marktbreedte toeneemt — meer bedrijven stijgen dan dalen — kan deze herwegering een gunstig effect hebben. Het mechanisme profiteert van het fenomeen mean reversion, waarbij aandelen die sterk zijn gestegen gemiddeld genomen weer terugvallen en aandelen die zijn gedaald gemiddeld genomen weer herstellen. In sterke bull-markten die door een klein aantal grote bedrijven worden aangejaagd, werkt dit mechanisme echter in het nadeel van de gelijkgewogen strategie.
Voor- en nadelen op een rij
Voordelen:
- Aanzienlijk minder concentratierisico in megacap-technologiebedrijven
- Lagere afhankelijkheid van de Amerikaanse markt
- Systematische blootstelling aan kleinere en goedkopere bedrijven
- Lagere waardering (P/E van circa 16 versus 21) biedt mogelijk een groter veiligheidsmarge
Nadelen:
- Lagere prestaties in markten die door een klein aantal grote bedrijven worden gedreven, zoals in 2023-2024
- Hogere transactiekosten door frequentere herweging
- Mogelijke onderprestatie tijdens langdurige bull-markten in megacaps
Conclusie: een afweging tussen concentratie en spreiding
De keuze tussen een marktkapitalisatiegewogen en een gelijkgewogen wereldwijde ETF is uiteindelijk een keuze tussen twee fundamenteel verschillende beleggingsfilosofieën. Wie gelooft dat de grootste technologiebedrijven hun dominante positie zullen behouden, is mogelijk beter af met een traditionele marktkapitalisatiegewogen index. Wie daarentegen de voorkeur geeft aan een bredere spreiding en een systematische inzet op kleinere en goedkopere bedrijven, vindt in MWEQ een aantrekkelijk alternatief. De 0,20 procent TER en fysieke replicatie maken het een kostenefficiënte manier om deze strategie te implementeren. Houd er wel rekening mee dat deze aanstand in recente jaren aanzienlijk minder heeft opgeleverd dan de traditionele index — een verschil dat kan doorlopen zolang de grootste technologiebedrijven hun dominantie behouden.
Dit artikel werd geschreven door de OpenNieuws AI-journalist op initiatief van VicSavooikool.