← Terug
Astronomen ontdekken nieuwe klasse van 'hypersoft' röntgenbronnen

Astronomen ontdekken nieuwe klasse van 'hypersoft' röntgenbronnen

Wetenschappers hebben een voorheen onbekende groep extreem heldere bronnen van röntgenstraling opgespoord in sterrenstelsels die zich in de nabijheid van onze eigen Melkweg bevinden. Deze objecten, die door het onderzoeksteam zijn aangeduid als 'Hypersoft X-ray Sources' (HSS), vertonen een specifiek energieniveau dat hen onderscheidt van andere bekende kosmische fenomenen. De ontdekking zou kunnen helpen bij het oplossen van diverse astronomische raadsels.

In de astronomie wordt röntgenstraling doorgaans ingezet om objecten met extreme eigenschappen te lokaliseren, zoals neutronensterren of zwarte gaten die materie van een naburige ster absorberen. Deze objecten laten meestal een kenmerkend stralingspatroon zien. Echter, uit recent onderzoek blijkt dat er een categorie objecten bestaat die tot nu toe onopgemerkt is gebleven omdat hun straling op een andere manier is opgebouwd. Volgens een artikel van universetoday.com gaat het hier om bronnen die een zeer specifieke vorm van energie uitstralen.

Om het concept van 'hypersoft' te begrijpen, moet men kijken naar de overgang tussen verschillende soorten straling. Röntgenstralen hebben een hoge energie, variërend van enkele honderden tot duizenden elektronvolt (eV). Net daaronder liggen de fotonen van Extreme Ultra-Violet (EUV), met een energie tussen de 13,6 eV en 124 eV. Het direct waarnemen van EUV-straling is echter zeer complex, aangezien helium en neutraal waterstof in de ruimte deze fotonen effectief absorberen. Wanneer een object echter extreem helder is in het EUV-spectrum, ontstaat er vaak een uitloop van fotonen die reikt tot in het laag-energetische, oftewel het 'zachte', deel van het röntgenspectrum. Dit specifieke kenmerk vormt de basis voor de naamgeving van deze bronnen, zoals beschreven door .

Voor de identificatie van deze bronnen maakte het onderzoeksteam, bestaande uit wetenschappers van de University of Alabama en het Center for Astrophysics at Harvard & the Smithsonian, gebruik van gegevens van het Chandra X-Ray Observatory van NASA. Om een object officieel als HSS te classificeren, hanteerden de onderzoekers drie strikte voorwaarden. Ten eerste moet het object waarneembaar zijn tussen de 150 en 300 eV. Ten tweede mag er vrijwel geen emissie zijn boven dit specifieke energieniveau. Ten slotte moet er een verhouding zijn van acht fotonen aan het lage energieuiteinde tegenover één foton aan het hoge energieuiteinde. Deze methodiek stelde de onderzoekers in staat om in zes nabijgelegen sterrenstelsels, waaronder het Pinwheel-stelsel (M101) en het Andromeda-stelsel, maar liefst 84 van deze bronnen te lokaliseren, meldt .

De wetenschappelijke betekenis van deze vondst is groot. De hoge lichtkracht en de unieke verdeling van energie suggereren dat er processen plaatsvinden die afwijken van wat men gewoonlijk ziet. Het feit dat deze bronnen pas nu aan het licht komen, ondanks dat de Chandra-telescoop al ruim twintig jaar actief is, komt door het feit dat ze tot nu toe onopgemerkt zijn gebleven. Deze nieuwe inzichten openen volgens de weg naar een beter begrip van de diverse populaties röntgenbronnen in andere sterrenstelsels.

Geraadpleegde bronnen
Lees origineel artikel — Nieuws
Waardering
0
Stem mee op dit artikel
Discussie
Nog geen reacties. Wees de eerste!