In de provincie West-Vlaanderen vindt een belangrijke wisseling van de wacht plaats binnen het provinciebestuur. Valentijn Despeghel uit Ieper is aangesteld als de nieuwe gedeputeerde voor de partij Vooruit. Hij volgt hiermee Jurgen Vanlerberghe op, die de stap maakt naar de functie van gouverneur.
Volgens berichtgeving van vrtnws.be zal Vanlerberghe op 16 november officieel de eed afleggen als gouverneur. In zijn rol als gedeputeerde was hij tot nu toe verantwoordelijk voor een breed scala aan bevoegdheden, waaronder ICT, toerisme en recreatie, de provinciedomeinen, alsofmede milieu, natuur, klimaat en landschap.
De keuze voor Despeghel komt niet onverwacht; hij werd reeds enkele weken genoemd als een mogelijke kandidaat voor deze positie. De 47-jarige Ieperling beschikt over een stevige politieke basis in zijn eigen regio. Tussen 2019 en 2024 bekleedde hij de functie van schepen in Ieper, waar hij onder meer belast was met cultuur, milieu en natuur. Tijdens de gemeenteraadsverkiezingen van 2024 profileerde hij zich als een stemmenkanon met een totaal van 3.202 voorkeursstemmen, hoewel zijn partij in de lokale raad na deze verkiezingen in de oppositie belandde.
Naast zijn lokale ervaring is Despeghel momenteel de voorzitter van Vooruit West-Vlaanderen. Er is bovendien een directe professionele link met zijn voorganger: tot voor kort was hij werkzaam als medewerker op het kabinet van Vanlerberghe. Hij neemt nu dus de taken over van zijn voormalige superieur.
Wat betreft zijn visie op het nieuwe mandaat, geeft Despeghel aan dat hij met veel enthousiasme aan de slag gaat. Hij benadrukt dat hij een benaderbare gedeputeerde wil zijn die veel aanwezig is in het veld, aangezien hij zijn energie put uit het contact met mensen. Hoewel het bestuursakkoord en het provinciaal meerjarenplan reeds vaststaan en hij deze zal uitvoeren, wil hij wel eigen accenten leggen.
Een van de belangrijkste prioriteiten voor de nieuwe gedeputeerde is de strijd tegen extreme weersomstandigheden. Despeghel wil een provincie realiseren waarin burgers beschermd worden tegen droogte en hitte. Hij pleit specifiek voor meer groen in zowel steden als dorpen, omdat dit essentieel is voor de biodiversiteit en helpt om stedelijke gebieden af te koelen. Dit is volgens hem vooral belangrijk voor mensen die in slecht geïsoleerde, kleine woningen zonder tuin verblijven. Hij stelt zich voor om lokale besturen te ondersteunen bij de implementatie van deze maatregelen.
Daarnaast wil hij zich inzetten voor betaalbare en gezonde woonomstandigheden voor iedereen. Ook de provinciale domeinen vormen een prioriteit in zijn agenda. Vanuit zijn socialistische overtuiging ziet hij deze domeinen als cruciaal, omdat ze een toegankelijke recreatieruimte bieden voor kinderen die zelf niet over een grote tuin beschikken.