← Terug
Maanstof als archief voor sporen van buitenaardse beschavingen

Maanstof als archief voor sporen van buitenaardse beschavingen

De zoektocht naar intelligent leven buiten onze eigen planeet staat mogelijk aan de vooravond van een strategische koerswijziging. Waar de traditionele methoden van de Search for Extraterrestrial Intelligence (SETI) zich primair richten op het detecteren van radiosignalen, suggereren wetenschappers nu dat het antwoord mogelijk fysiek aanwezig is in het stof op de maan. De maan zou in deze context kunnen dienen als een soort kosmisch archief dat over een periode van miljarden jaren materiaal uit de ruimte heeft verzameld.

Het fundamentele probleem met het luisteren naar radiosignalen is wat onderzoekers de kwestie van 'synchroniciteit' noemen. Volgens een analyse van universetoday.com is de kans klein dat de mensheid en een andere intelligente beschaving precies op hetzelfde moment actieve signalen uitzenden. Dit is vooral problematisch gezien de enorme tijdspanne van de Melkweg, die op ongeveer 13 miljard jaar wordt geschat. Een signaal kan ons stelsel bereiken lang nadat de zender is verdwenen, of juist pas arriveren nadat wij als soort niet meer bestaan.

Om deze beperking te omzeilen, stellen Lewis J. Pinault van het SETI Institute en zijn collega's een alternatieve methode voor. In een pre-print paper voor het International Journal of Astrobiology beargumenteren zij dat de focus moet verschuiven naar tastbare artefacten. De maan is hiervoor een ideale locatie. Hierdoor kunnen kleine deeltjes die door de ruimte zweven gedurende miljarden jaren ongestoord neerslaan en bewaard blijven. Het is hierbij belangrijk te vermelden dat de onderzoekers niet claimen dat er daadwerkelijk buitenaardigen op de maan hebben gewoond; de maan fungeert simpelweg als een passieve verzamelaar van interstellaire materie, zoals beschreven door .

Binnen dit theoretische kader maken de onderzoekers onderscheid tussen twee categorieën van mogelijke artefacten. De eerste groep wordt aangeduid als Arkhipov-deeltjes, vernoemd naar de Oekraïense astronoom Alexei Arkhipov. Dit betreft onbedoeld industrieel afval van geavanceerde beschavingen. Een voorbeeld hiervan zou het puin kunnen zijn van een 'Dyson-zwerm', een hypothetische megastructuur rond een ster. Wanneer dergelijke constructies beschadigd raken, kunnen fragmenten de ruimte in worden geslingerd en uiteindelijk ons zonnestelsel bereiken.

De tweede categorie bestaat uit Bracewell-deeltjes, naar de fysicus Ronald Bracewell. In tegenstelling tot industrieel afval zijn dit objecten die bewust zijn verzonden. Deze zouden kunnen fungeren als een vorm van 'slim stof', ontworpen om andere zonnestelsels te bezoeken. De kans dat dergelijke objecten in ons stelsel terecht zijn gekomen, wordt vergroot door de baan van onze zon. Zoals meldt, voltooit de zon elke 230 miljoen jaar een ronde rond de Melkweg, waardoor we telkens door verschillende regio's van de galactische schijf reizen.

Door monsters van maanstof grondig te analyseren op onverklaarbare materialen of technologische structuren, hopen de wetenschappers bewijzen te vinden van beschavingen die mogelijk al lang zijn uitgestorven. Deze aanpak zou een venster openen naar het verleden van het universum, waarbij de maan fungeert als de bewaarplaats van sporen die anders verloren zouden zijn gegaan in de oneindigheid van de ruimte, aldus de berichtgeving van .

Geraadpleegde bronnen
Lees origineel artikel — Nieuws
Waardering
0
Stem mee op dit artikel
Discussie
Nog geen reacties. Wees de eerste!