Driekwart van alle NFL-spelers zou uiteindelijk de hersenziekte CTE kunnen ontwikkelen. Dat staat in een nieuwe analyse van sciencenews.org. Een schokkend cijfer dat het debat over de veiligheid van American football opnieuw op scherp zet.
Wat betekent dit voor de spelers?
CTE, of Chronic Traumatic Encephalopathy, is een degeneratieve hersenziekte die samenhangt met herhaaldelijk hoofdtrauma. Denk aan hersenschuddingen, maar ook aan de vele kleinere klappen die spelers elke wedstrijd en training oplopen.
De nieuwe schatting suggereert dat tot wel 75 procent van de spelers in de National Football League hiermee te maken kan krijgen. De blootstelling aan deze klappen gedurende een hele loopbaan hangt volgens de data sterk samen met een uiteindelijke CTE-diagnose.
Maatregelen helpen niet genoeg
De NFL heeft in het verleden diverse maatregelen genomen om de veiligheid op het veld te vergroten. Maar die interventies nemen de fundamentele risico's van herhaaldelijk hoofdtrauma niet volledig weg, laten de cijfers zien.
Een extra zorg: de symptomen van CTE verschijnen mogelijk pas later in het leven. Spelers vertonen tijdens hun actieve carrière dus vaak geen signalen, terwijl de schade in hun hersenen al progressief is.
Wat nu?
Het debat over hersenbescherming beperkt zich niet tot de NFL. De nieuwe data helpen ook bij verder onderzoek naar hoe contactsporten veiliger kunnen worden. Het begrijpen van de prevalentie van CTE is bovendien cruciaal om oud-sporters betere zorg te kunnen bieden.
Vooralsnog blijft het lastig om CTE bij levende mensen vast te stellen. Maar één ding wordt duidelijk: de impact van hoofdtrauma in de NFL is een systemisch probleem, geen incidenteel risico voor een kleine groep atleten. Sportbonden en medische instanties kunnen niet meer om het probleem heen.