De algemene inflatie in België is in september fors gestegen tot 4,69 procent. Deze stijging zet een opwaartse trend voort die in januari van dit jaar nog begon bij 1,1 procent en in juni op 3,4 procent lag. Volgens berichtgeving van vrtnws.be is de hoofdoorzaak van deze versnelling de sterke stijging van de energie- en brandstofprijzen, wat nauw samenhangt met de aanhoudende oorlog in het Midden-Oosten.
Explosieve stijging in energiesector
De cijfers voor de energiesector laten een dramatische stijging zien. De inflatie voor energie alleen bedroeg in september 24,37 procent, een aanzienlijke sprong vergeleken met de 10,59 procent in juli. Vooral de aardgasmarkt is hard getroffen, waarbij de prijs op jaarbasis met meer dan een derde is toegenomen. Ook de huisbrandolie is inmiddels een vijfde duurder dan een jaar geleden.
Kijkt men naar de maandelijkse evolutie, dan is aardgas in september met 6,9 procent duurder geworden en elektriciteit met 4,2 procent. De motorbrandstoffen vertonen eveneens een sterke stijging ten opzichte van september vorig jaar, met een algemene toename van een derde. Diesel is hierbij de grootste boosdoener met een prijsstijging van 44,1 procent. Voor benzine bedraagt de stijging 29,1 procent en voor LPF 21,2 procent.
Tegenstroom in voedingsprijzen en elektronica
Ondanks de hoge productiekosten door de energiecrisis, is er in andere sectoren een lichte daling zichtbaar. De voedingsinflatie daalde in september zelfs heel lichtjes. Producten zoals granen, niet-dierlijke melk, verse bessen en ander fruit en groenten zijn goedkoper geworden in vergelijking met vorig jaar. Daarnaast is er een prijsdaling vastgesteld bij schrijfwaren, powerbanks en audio- en videoapparatuur, zoals speakers en televisies.
Dreiging van koopkrachtverlies
De stijgende inflatie roept zorgen op over de financiële positie van de gemiddelde burger. Stijn Baert, professor economie aan de UGent en lid van de indexcommissie, waarschuwt dat er een risico is op echt koopkrachtverlies. Hij legt uit dat lonen in België worden aangepast op basis van de gezondheidsindex, die ongezonde producten zoals tabak, alcohol en brandstoffen (benzine en diesel) uitsluit.
Omdat de gezondheidsindex momenteel op 4 procent ligt, terwijl de algemene inflatie hoger is, worden lonen minder sterk gecorrigeerd dan de werkelijke kostenstijging voor een doorsneegezin. Volgens Baert leidt dit ertoe dat de levensduurte sneller stijgt dan de loonaanpassingen, wat de koopkracht uitholt.
De ernst van de situatie wordt verder onderstreept door berichtgeving van hln.be en nieuwsblad.be, waarbij wordt benadrukt dat de huidige inflatiecijfers een aanzienlijke impact hebben op de dagelijkse budgetten van huishoudens.