← Terug
Milliseconde-pulsars zenden radiosignalen uit vanaf onverwachte locaties

Milliseconde-pulsars zenden radiosignalen uit vanaf onverwachte locaties

Decennialang dachten astronomen te weten hoe pulsars werken: deze ultracompacte overblijfselen van dode sterren zouden hun karakteristieke radiostralen uitzenden vanaf het oppervlak, vlakbij de magnetische polen. Een nieuw onderzoek naar bijna 200 van de snelst draaiende pulsars in het universum heeft deze veronderstelling volledig op zijn kop gezet.

Volgens universetoday.com blijkt dat milliseconde-pulsars hun radiosignalen niet alleen vanaf hun oppervlak uitzenden, maar tegelijkertijd ook vanaf de buitenste grenzen van hun magnetische bereik. Deze ontdekking dwingt wetenschappers om hun begrip van deze extreme objecten fundamenteel te herzien.

Kosmische vuurtorens met dubbele stralen

Pulsars zijn de ingestorte kernen van uitgebrande sterren, zo extreem dicht dat een theelepel van hun materiaal een miljard ton zou wegen. Terwijl ze ronddraaien, vegen ze bundels radiogolven door de ruimte zoals vuurtorens, en vanaf de aarde detecteren we die bewegingen als regelmatige pulsen. Milliseconde-pulsars vormen een bijzondere klasse die deze extremen naar nieuwe hoogten tilt: ze draaien honderden keren per seconde rond en houden de tijd zo nauwkeurig bij dat ze kunnen wedijveren met de beste atoomklokken die we ooit hebben gebouwd.

Professor Michael Kramer van het Max Planck Institute for Radio Astronomy en Dr. Simon Johnston van het Australische CSIRO analyseerden radio-observaties van bijna 200 milliseconde-pulsars en vergeleken deze met gammastraling-data. universetoday.com veranderde het gevestigde beeld volledig.

Twee bronnen in plaats van één

Ongeveer een derde van deze pulsars vertoonde radiosignalen afkomstig uit twee volledig gescheiden gebieden, met duidelijke tussenruimtes ertussen. Opvallend genoeg werd dit patroon slechts bij ongeveer 3 procent van de langzamer draaiende pulsars waargenomen. Cruciaal was dat veel van die geïsoleerde buitenste pulsen precies samenvallen met gammastraling-flitsen die eerder door NASA's Fermi-telescoop waren gedetecteerd.

Gammastraling werd al verondersteld te ontstaan in wat de 'current sheet' wordt genoemd, een wervelend gebied van geladen deeltjes dat net voorbij de onzichtbare grens ligt waar het magnetische veld van een pulsar sneller dan het licht zou moeten bewegen om de rotatie van de ster bij te houden. Het feit dat radio- en gammastraling-pulsen vanuit dezelfde richting arriveerden, wees onmiskenbaar op een gedeelde oorsprong.

Gevolgen voor precisiewetenschappen

Met andere woorden: milliseconde-pulsars zenden niet alleen uit vanaf hun oppervlak, maar tegelijkertijd ook vanaf de verste uithoeken van hun magnetische bereik. Dit is vergelijkbaar met een vuurtoren die niet alleen zijn lichtbundel vanaf de top van de toren zendt, maar tegelijkertijd ook een andere bundel vanaf een punt ver op zee afvuurt.

Deze ontdekking heeft verstrekkende gevolgen voor de manier waarop astronomen pulsars gebruiken als precisie-instrumenten. universetoday.com worden deze objecten ingezet om zwaartekracht te bestuderen, de aard van dichte materie te onderzoeken en zelfs gravitatiegolven te detecteren die door het weefsel van de ruimtetijd rimpelen. Weten waar hun signalen werkelijk vandaan komen en waarom ze eruitzien zoals ze doen, is van enorm belang voor het nauwkeurig interpreteren van deze metingen.

Nieuwe vragen over oude objecten

De bevinding dat sneller draaiende pulsars veel vaker dit dubbele uitzendpatroon vertonen dan hun langzamere tegenhangers, roept nieuwe vragen op over de fysica van deze extreme objecten. Het suggereert dat de rotatiesnelheid een cruciale rol speelt in hoe en waar pulsars hun karakteristieke straling produceren.

Voor wetenschappers die pulsars gebruiken als kosmische klokken om bijvoorbeeld gravitatiegolven op te sporen, betekent deze ontdekking dat ze hun modellen en interpretaties mogelijk moeten aanpassen. Het begrijpen van de precieze oorsprong van de radiosignalen is essentieel voor het correct interpreteren van de minuscule timing-variaties die kunnen wijzen op het passeren van gravitatiegolven.

Deze doorbraak illustreert hoe zelfs bij objecten die al decennialang worden bestudeerd, fundamentele verrassingen kunnen opduiken wanneer nieuwe observatietechnieken en grotere datasets beschikbaar komen. Het herinnert astronomen eraan dat het universum altijd complexer blijkt dan onze modellen suggereren.

Lees origineel artikel — Nieuws
Waardering
0
Stem mee op dit artikel
Discussie
Nog geen reacties. Wees de eerste!