Terwijl de technologische ontwikkeling van autonome voertuigen wereldwijd in een stroomversnelling raakt, ontstaat er een interessant contrast tussen de buurlanden Nederland en België. Waar de Nederlandse autoriteiten recentelijk de deuren hebben geopend voor geavanceerde rijhulpsystemen van Tesla, bevindt België zich nog in een fase waarin de wetgeving en de bereidheid voor deze technologie nog volop in beweging zijn.
Doorbraak in Nederland met Tesla
Nederland heeft zich gepositioneerd als een voorloper binnen Europa door als eerste land de goedkeuring te verlenen voor het gebruik van Tesla’s 'Full Self-Driving (Supervised)' systeem op de openbare weg. De Nederlandse Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW) heeft hiervoor groen licht gegeven, een besluit dat volgens de berichtgeving van vrt.be een precedent kan scheppen voor de rest van het Europese continent.
Deze goedkeuring is het resultaat van een jarenlang traject van intensieve voorbereidingen door het Amerikaanse autofabrikant. Tesla heeft voor deze transitie naar de Nederlandse wegen naar eigen zeggen ongeveer anderhalf jaar aan tests uitgevoerd. In die periode werden er op afgesloten terreinen maar liefst 4.500 tests uitgevoerd en werden er 13.000 testritten afgelegd met de hulp van klanten. Dit alles resulteerde in een totale afstand van 1,6 miljoen kilometer aan tests op Europese wegen, waarbij de autoriteiten werden voorzien van duizenden pagina's aan documentatie over de naleving van honderden verschillende eisen.
De Belgische context: wetgeving en bereidheid
In België is de situatie complexer en de adoptie van autonome technologie wordt nog gekenmerkt door striktere voorwaarden. Hoewel het land sinds mei 2018 de mogelijkheid biedt aan technologiebedrijven en constructeurs om onder strikte voorwaarden te testen op de Belgische wegen, is de algehele status van het land in deze sector nog niet optimaal. Volgens een onderzoek van KPMG, dat wordt aangehaald door banden-oponeo.be, behoort België niet tot de groep landen die als meest vooruitstrevend of bereid worden beschouwd voor de implementatie van autonome voertuigen.
De huidige Belgische wetgeving stelt dat er bij zelfrijdende voertuigen altijd een menselijke bestuurder aanwezig moet zijn. Hoewel de wet niet expliciet vereist dat deze persoon fysiek in de wagen zit, is de bestuurder wel wettelijk verplicht om de eindcontrole te behouden. Dit betekent dat de bestuurder op elk moment in staat moet zijn om in te grijpen en het systeem onmiddellijk te deactiveren indien de situatie daarom vraancet.
De Belgische overheid werkt echter wel aan de noodzakelijke kaders voor de toekomst. Zo wordt er, zoals vermeld op ikwilvanmijnautoaf.be, door de Vlaamse minister van Mobiliteit, Ben Weyts, gewerkt aan de ontwikkeling van nieuwe procedures, zoals een specifiek rijexamen voor autonome voertuigen. De gedachte hierachter is dat de overheid pas volledige goedkeuring moet geven wanneer deze voertuigen als volwaardige, veilige deelnemers aan het verkeer kunnen worden beschouwd.
Technologische drempels en kosten
Hoewel de term 'Full Self-Driving' indrukwekkend klinkt, is het belangrijk om de technische realiteit te begrijpen. Het systeem van Tesla valt momenteel nog onder de categorie 'Supervised', wat betekent dat de bestuurder constant waakzaam moet blijven. De auto kan weliswaar handvrij rijden, maar de verantwoordelijkheid voor de veiligheid blijft bij de mens. Volgens auto-info.be is er nog geen sprake van de hoogste mate van autonomie (niveau 3), zoals we die bij bepaalde merken in Duitsland al zien.
Naast de noodzaak voor menselijke supervisie, zijn er ook aanzienlijke financiële en hardwarematige barrières. Om gebruik te kunnen maken van deze functies, moeten klanten vaak een dure optie hebben aangeschaft, die de waarde van 7.50bare euro kan bereiken. Bovendien is de aanwezigheid van de juiste hardware, specifiek de vierde generatie hardware (HW4) van Tesla, een cruciale voorwaarde voor de werking van het systeem.
De toekomst van autonoom testen
De ontwikkeling van autonome technologie zal in de komende jaren verder transformeren. In Nederland wordt er al gekeken naar de periode na 2027, wanneer door Europese regelgeving en de wens om niet achter te blijven op de wereldmarkt, de mogelijkheden voor intensievere tests op de openbare weg worden vergroot. Zoals dutchcowboys.nl aangeeft, is de angst dat fabrikanten hun tests liever in het buitenland uitvoeren als de lokale regelgeving te restrictief is, een belangrijke drijfveer voor de Nederlandse overheid om actiever te worden.
Hoewel de weg naar volledig zelfrijdende auto's zonder menselijke tussenkomst nog lang is, is de beweging in de regio onmiskenbaar. De focus verschuift van de vraag of de technologie bestaat, naar de vraag hoe de wetgeving in landen als België en Nederland de veiligheid kan waarborgen zonder de innovatie te verstikken.