Een man uit Wisconsin heeft zich gedurende bijna twee decennia opzettelijk laten bijten door giftige slangen in een poging een universeel tegengif te ontwikkelen. Tim Friede (57) onderging meer dan 200 slangenbeten en injecteerde zichzelf ruim 650 keer met slangengif, een extreme vorm van zelfexperimentatie die nu mogelijk doorbraak oplevert in de strijd tegen slangenbeten wereldwijd.
Van bijna-doodervaring tot wetenschappelijke doorbraak
Friede begon zijn gevaarlijke missie in 2001, nadat hij een cursus had gevolgd over het extraheren van gif uit spinnen, schorpioenen en duizendpoten. newscientist.com weet hij uit eerste hand hoe het voelt om bijna te sterven aan een slangenbeet: "Je kunt niet bewegen. Je kunt niet ademen. Je middenrif is bevroren. Maar je kunt alles horen."
De voormalige vrachtwagenmonteur, die geen universitaire opleiding heeft, begon met het injecteren van sterk verdund kobragif – in een verhouding van 1 op 10.000. Geleidelijk bouwde hij de concentratie op tot pure, dodelijke doses. Na enkele jaren was hij klaar voor echte slangenbeten.
Wereldwijde crisis vraagt om nieuwe oplossingen
De motivatie achter Friedes extreme aanpak ligt in de omvang van het probleem. Jaarlijks worden ongeveer 5 miljoen mensen gebeten door slangen, wat resulteert in naar schatting 138.000 doden en meer dan 400.000 amputaties of andere blijvende complicaties. straitstimes.com worden deze cijfers waarschijnlijk nog onderschat, omdat slangenbeten vooral voorkomen in afgelegen gebieden waar slachtoffers geen medische hulp zoeken.
Bestaande tegengiffen zijn gebaseerd op een 125 jaar oude methode waarbij paarden worden geïnjecteerd met gif, waarna de antilichamen die de paarden produceren worden verzameld. Deze aanpak heeft echter belangrijke nadelen: de tegengiffen werken meestal slechts tegen één of enkele van de 600 giftige slangensoorten wereldwijd, en het gebruik van paardeneiwitten kan bij mensen anafylactische shock veroorzaken.
Van YouTube naar wetenschappelijk laboratorium
Jarenlang werd Friede niet serieus genomen door de wetenschappelijke gemeenschap. Dat veranderde toen hij zijn onderzoek en slangenbeten begon te documenteren op YouTube. good.is dat hij contact opnam met Friede nadat hij zijn video's had gezien: "Als iemand ter wereld deze breed neutraliserende antilichamen heeft ontwikkeld, dan is hij het. Het eerste telefoongesprek zei ik: 'dit klinkt misschien gek, maar ik zou graag wat van je bloed willen hebben.'"
Friede stemde in met het onderzoek, dat ethisch werd goedgekeurd omdat alleen zijn bloed en antilichamen werden getest. In mei 2025 publiceerden onderzoekers onder leiding van Peter Kwong van Columbia University een studie in het prestigieuze wetenschappelijke tijdschrift Cell. ground.news toonde het onderzoek aan dat antilichamen uit Friedes bloed het gif van 19 verschillende slangensoorten konden neutraliseren in muizen.
Veelbelovende resultaten, maar voorzichtigheid geboden
De ontwikkelde antilichamen bleken vooral effectief tegen elapiden – een familie van gifslangen die onder meer cobra's, mamba's en zeeslangen omvat, en die veel voorkomen in Australië waar veldonderzoek is gepland. straitstimes.com waarschuwen experts dat het tegengif nog niet bij mensen is getest.
Kwong gaf aan dat het eindproduct mogelijk één universeel tegengif zou kunnen zijn, of twee varianten die zich richten op respectievelijk elapiden en viperidae (adders). Dit zou een enorme verbetering betekenen ten opzichte van de huidige situatie, waarin voor verschillende slangensoorten vaak aparte tegengiffen nodig zijn die niet altijd beschikbaar zijn in gebieden waar ze het hardst nodig zijn.
Persoonlijke offers voor wetenschappelijke vooruitgang
De weg naar deze doorbraak was niet zonder gevaar. Friede belandde meerdere keren in het ziekenhuis, waaronder een incident kort na de aanslagen van 11 september 2001 waarbij hij vier dagen in coma lag. Toch bleef hij doorgaan met zijn missie, gedreven door de overtuiging dat zijn werk levens kon redden.
De ontwikkeling van een universeel tegengif zou een belangrijke stap vooruit betekenen in de behandeling van slangenbeten, een probleem dat door de WHO wordt erkend als een verwaarloosde tropische ziekte. Met ongeveer 110.000 doden per jaar wereldwijd en onevenredig veel slachtoffers in arme, landelijke gebieden, is de behoefte aan betere, breder inzetbare tegengiffen urgent.